Plezierige activiteiten voor kwetsbare ouderen

terug naar overzicht
 vorige studie           volgende studie
Sanne Gielen
Bianca Buijck

 

 

Inleiding
Huidige situatie
De doelgroep kwetsbare ouderen neemt van 750.000 toe tot 1 miljoen in 2015 (Boer & Klerk, 2013). Chronisch zieken, mensen met psychosociale problemen en alleenstaanden hebben een verhoogde kans op eenzaamheid, depressie en sociaal isolement. Het is voor veel kwetsbare alleenstaande ouderen moeilijk om nog regelmatig plezierige activiteiten te doen en daarmee een zinvolle invulling van hun bestaan te hebben. Lichamelijke en/of mentale beperkingen of onvoldoende personen in hun sociale netwerk bemoeilijken het uitvoeren van plezierige activiteiten. Tevens kan er sprake zijn van vraagverlegenheid, dat wil zeggen dat de oudere schroomt om hulp of aandacht te vragen aan hun omgeving. Mensen willen liever niet afhankelijk zijn, en gelijkwaardigheid in de relatie is belangrijk. Daarnaast vinden mantelzorgers van kwetsbare ouderen en vrijwilliger het vaak moeilijk om nieuwe en zinvolle activiteiten voor hun naaste te bedenken (Verkaik et al., 2014). Bij mantelzorgers en vrijwilligers kan er tevens ook sprake zijn van handelingsverlegenheid, dat wil zeggen dat men niet precies weet hoe je je hulp kan aanbieden.

Behoefte
Een substantiële groep (kwetsbare) ouderen heeft behoefte méér te participeren in de samenleving (Meulenkamp et al., 2013). Zelf actief blijven of deelnemen aan laagdrempelige sociale activiteiten vermindert tenslotte de kans op isolement (TNS/NIPO 2013). Participatie in de samenleving kan worden bevorderd door te participeren in activiteiten die de oudere plezierig vindt. Het opstarten van activiteiten zou zodanig moeten gebeuren dat er zich geen vraag- en handelingsverlegenheid voordoet, namelijk op een laagdrempelige wijze, met behoud van zelfregie en met wederkerigheid. Wederkerigheid wil zeggen dat de oudere niet alleen hulp bij het realiseren van plezierige activiteiten krijgt, maar dat hij of zij daarbij ook iets aan een ander hiervoor teruggeeft (bijvoorbeeld een wandelingetje met een andere oudere maakt). De afgelopen jaren is er steeds meer evidentie gekomen dat wederkerigheid, het gevoel van nuttig zijn, van belang is (Vernooij-Dassen et al., 2011) en dat dit bijdraagt aan de eigenwaarde van de oudere (Hoek & Vander Elst, 2014; Bredewold, 2014).

Doelstelling
Het ontwikkelen van een effectieve methode om plezierige activiteiten door alleenstaande ouderen die thuis wonen, te doen toenemen. De oudere behoudt bij deze Plezierige Activiteitenmethode de regie, geeft een aangename invulling aan zijn leven en draagt zo mogelijk zelf ook bij aan het realiseren van activiteiten van andere ouderen (wederkerigheid).

Methode
Dit project richt zich op het doorontwikkelen van de Plezierige Activiteitenmethode. Dit proces is op te splitsen in het aanmaken van een gevalideerde set van foto's die het gesprek kunnen ondersteunen en het ontwikkelen van een geschikte interviewtechniek voor mantelzorgers en vrijwilligers. Teven wordt een digitale versie van deze methode ontwikkeld, die voor een breed publiek (inclusief de oudere zelf) toegankelijk wordt en gebruikt kan worden door mantelzorgers en vrijwilligers.

Uitgebreidere informatie over het project is te vinden op de webpagina van Fonds NutsOhra

Fase van onderzoek
Dit onderzoek is in de beginfase.

Wie voert het onderzoek uit?
Sanne Gielen, MSc docent Verpleegkunde HAN, lectoraat Innovatie in de Care

Begeleiding
Dr. Marian Adriaansen, HAN, lectoraat Innovatie in de Care
Dr. Anke Persoon, UKON

Financiering
Het onderzoek wordt door fonds NutsOhra gefinancierd.

Dit project is een samenwerkingsproject tussen

  • Swon, het seniorennetwerk in Nijmegen
  • HAN (Hogeschool Arnhem en Nijmegen), lectoraat Innovatie in de Care.
  • UKON (Universitair Kennisnetwerk Ouderenzorg Nijmegen), Radboudumc, afd. Eerstelijnsgeneeskunde
  • Zorggroep Maas en Waal (Druten) (lid van UKON)