RID

terug naar overzicht
vorige studie            volgende studie
 
Claudia Groot Kormelinck                                                                                    

 



 

 

RID: Reduction of Inappropriate psychotropic Drug use in nursing home residents with dementia
(Beter af met minder: reductie van onjuist psychofarmacagebruik bij mensen met dementie in verpleeghuizen)

1.    Beschrijving

Achtergrond
De aanwezigheid van onbegrepen gedrag (agitatie, agressie, dwalen, angst, wanen en hallucinaties) bij mensen met dementie in verpleeghuizen kunnen aanleiding geven tot het voorschrijven van psychofarmaca. Echter is bekend dat psychofarmaca beperkt werkzaam zijn, en er kunnen bijwerkingen optreden: sufheid, verminderde mobiliteit (met risico op vallen) en een verhoogde kans op beroerte, longontsteking en sterfte. Om die redenen adviseren richtlijn terughoudend te zijn met het voorschrijven van psychofarmaca en genieten psychosociale interventies de voorkeur. Ondanks deze kennis worden psychofarmaca nog steeds te veel en te lang voorgeschreven. Het terugbrengen van onjuist psychofarmacagebruik is daarom noodzakelijk.

Doel, doelgroep
De doelstelling van het onderzoek is het verminderen van onjuist psychofarmacagebruik bij mensen met dementie in verpleeghuizen. Nevendoelen vormen het verminderen van probleemgedrag (door de inzet van onder meer psychosociale interventies) en het verbeteren van kwaliteit van leven.

Interventie
Verpleeghuizen kunnen kiezen uit twee varianten. Bij de eerste variant krijgen verpleeghuizen intensieve begeleiding van een coach bij het opstellen van een plan van aanpak - en de implementatie van één of meerdere interventies die aansluiten bij het doel om onjuist gebruik van psychofarmaca te reduceren. Keuze voor de interventie(s) zijn gebaseerd op een knelpuntenanalyse in de zorg voor, en behandeling van mensen met dementie in verpleeghuizen, welke wordt afgenomen bij start van het onderzoek.
Binnen de tweede variant zijn verpleeghuizen vrij in de manier waarop ze het verminderen van onjuist psychofarmacagebruik binnen hun instelling willen organiseren. In deze groep vindt geen knelpuntenanalyse plaats en er wordt slechts minimale begeleiding op afstand geboden. Door dit onderscheid in de mate van begeleiding te maken kunnen er conclusies worden getrokken over de relevantie van begeleiding bij de implentatie van interventies.
Beide varianten kunnen gebruik maken van een toolkit, waarin allerlei interventies zijn opgenomen gerelateerd aan het verminderen van onjuist psychofarmacagebruik.

2.    Evaluatie en effecten

Fase van het evaluatie-onderzoek
Momenteel wordt er gewerkt aan de aanmelding en inclusie van verpleeghuizen, waarna de dataverzameling zal worden gestart.

3.    Aanbevolen literatuur 

 (inter)nationaal


4.    Informatie over de wetenschappelijke studie

Onderzoeksteam
Projectleider en promotor: prof.dr. S.U. Zuidema (UMCG), s.u.zuidema@umcg.nl
Promovenda: Claudia Groot Kormelinck MSc (UMCG), c.m.groot.kormelinck@umcg.nl
Copromotoren: dr. M. Smalbrugge (VUmc), dr. D. Gerritsen (Radboudumc) 

Financiers
Dit project is gefinancierd door het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport. Het onderzoek is een samenwerkingsverband van het UMCG, Radboudumc, het VUmc en Vilans (Kennisinstituut voor langdurige zorg).